Sponsoren













Races

DNRT Zomeravond competitieauto’s

Organiseert autoraces voor beginnende en gevorderde amateurs. Het zijn wedstrijden met een lage financiele drempel en makkelijk toegankelijk. Er zijn meer dan 20 klassen en die zijn ingedeeld in 3 series. Auto’s A, Auto’s B en Endurance. Autoracen is kijksport nr 1 in de wereld. Maar ook een van de mooiste sporten om te doen. Het is veel minder elitair dan iedereen denkt. DNRT verzorgt de onderste helft van de nederlandse autosport. Maar de onderste helft is 5 X zo groot als de bovenste helft. Niet 5 X zo belangrijk. Aan de wedstrijden van DNRT nemen meer dan 800 actieve racers deel. Het zijn sprintraces (A), Sprint- en Semi Endurance (B) en Endurance (E).

De wedstrijden van de ZAC zijn zeer toegankelijk. Je moet wel eerst een licentie verwerven (rsz.nl) een auto aanschaffen (kopen, huren of leasen) en voor brandvrije kleding zorgen. Maar dan kan je van start. Wellicht is het verstandig om eerst bij een wedstrijd te komen kijken wat het allemaal inhoudt. Kom gewoon naar een ZAC evenement, praat met de deelnemers en de organisatoren en je hebt snel een beeld wie het doen, hoe leuk het is en hoe het werkt. De wedstrijden zijn vrij toegankelijk. In auto’s A groep rijden Toer en GT wagens van allerlei soort. Zij worden ingedeeld in 3 klassen naar snelheid. De snelle in de TOER klasse, de zeer snelle in de SPORT klasse en de super snelle in de SUPERSPORT klasse. Er is ook een klasse BMW-E30. Uitsluitend voor BMW 325i van het model E30. Tevens de Porsche klasse en de BMW- E30-M klasse.

In de auto’s B groep worden sprintraces gereden door de klassen: Volvo 360 Geen Modena, de Alfa klasse en de Mazda MX5 klasse. Tevens is er een race voor de Colin Chapman Series met een Caterham klasse, een Westfield klasse een Ginetta klasse en een vrije klasse. In de semi-endurance groep worden per dag 2 trainingen, 2 sprintraces en een endurance race gereden van 1 1⁄2 -2 uur. In deze race rijden de spectaculaire klasse: Saker GT, Saker Sprint, DNRT V8, BMW E36, Divisie 1 (snelle toerwagens en diesels) en divisie 2 (zeer snelle toer en GT wagens).

Dutch Supercar Challenge

Anders dan bij de ’Cupklassen’ die Nederland rijk is, is er geen inbreng van autofabrikanten of importeurs. VRM is onafhankelijk en draait geheel op de inschrijfgelden en sponsorbijdragen. Hierdoor kan de Dutch Supercar Challenge een geheel eigen weg volgen. Uitgangspunt is het organiseren van autoraces voor GT’s en toerwagens tijdens A-evenementen op circuits in binnen- en buitenland. Hierbij wordt de stelregel aangehouden dat het circuit in maximaal 1 dag bereikbaar moet zijn.

De races

In de afgelopen jaren zijn er 112 races verreden tijdens 62 evenementen op tal van circuits, zoals natuurlijk het Duinencircuit van Zandvoort en het TT-circuit van Assen. Maar ook de circuits van Zolder en Spa-Francorchamps in Belgie, Nurburgring, Hockenheim, Oschersleben en de Eurospeedway Lausitzring in Duitsland en het GP- circuit van Silverstone in Engeland stonden op het programma. Ook in het seizoen 2010 is de Dutch Supercar Challenge weer actief op verschillende circuits.

Het format

Er is in de afgelopen jaren een format ontwikkeld die het mogelijk maakt met twee rijders een wagen (en de kosten) te delen. De races in het kader van de Dutch Supercar Challenge vinden altijd plaats in het weekend. Op de vrijdag zijn er de vrije trainingen van 30 tot 60 minuten, op zaterdag de kwalificaties en de eerste race en op zondag een tweede race. De races duren minimaal 45 en maximaal 60 minuten in verband met het verbod op tanken en een verplichte pitstop. Voor het veilig bijtanken zijn redelijk gecompliceerde en dure tankinstallaties nodig waar vooral de toerwagens niet over beschikken. Bijtanken met behulp van jerrycans en trechters is uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.

De keuring / scrutineering

In de Dutch Supercar Challenge wordt gereden met zeer verschillende wagens met verschillende motorvermogens. Er is een indeling gemaakt in vijf divisies; GT, Supersport I, Supersport II, Sport. Deze indeling is gemaakt op basis van de verhouding tussen het wagengewicht en het motorvermogen. Dit wordt gecontroleerd door het Powerlog systeem wat in samenwerking met Ingenieursbureau Esquisse is ontwikkeld. Het bestaat uit een klein kastje was in alle auto's wordt gemonteerd. Met behulp van een G- krachtsensor, een gyroscoop en een GPS ontvanger voor o.a. het meten van de snelheid wordt via de gebruikelijke natuurkundige formules het vermogen berekend. Immers het gewicht van de wagen inclusief rijder is bekend en door de acceleratie te meten is eenvoudig het vermogen terug te rekenen.

Tijdens iedere race is er voor alle rijders een verplichte pitstop van 60 seconden die het mogelijk maakt van rijder te wisselen. Een deel van de wagens wordt namelijk bezet door twee rijders en een deel rijdt alleen.